12 mrt, 2009
Vorige week was ik onverwacht veel tijd kwijt aan ‘niet-academische werkzaamheden’, met als gevolg dat de kleine update die ik heb kunnen schreven nauwelijks het vermelden waard was. Gelukkig heb ik deze week weer iets meer kunnen doen, met gemengd resultaat:
Tijdbalk: een stukje technisch vernuft in de maak
Er moet nog het één en ander gebeuren voordat het werkt, maar ik ben erg onder de indruk van de mogelijkheden van de Timeline-widget van de SIMILE-werkgroep op het MIT. Er is zelfs een plugin die het mogelijk maakt om posts in WordPress (de weblog-omgeving waarin dit werkblog is gemaakt) direct op de tijdbalk te zetten, maar zolang de server-software (nog) niet goed omgaat met data van voor 1970 is dit helaas onbruikbaar voor mij.
In de tijdbalk zou ik zichtbaar willen maken welke bron wanneer verscheen. Dat zou gaan in verschilende categorieën:
- oorspronkelijke uitgaven
- vertalingen
- recensies
- andere verwijzingen
Eventueel zouden belangrijke politieke gebeurtenissen of ontwikkelingen ook nog een plekje kunnen krijgen, voor mijn eigen overzicht. En dan bijvoorbeeld nog werken van de concurrentie. Het mooie van de tijdbalk is dat het mogelijk is om een link toe te voegen naar een pagina waarop meer informatie over de bron staat. Op de homepage van het Timeline-project staat een tijdbalk van de gebeurtenissen na de Kennedy-moord als voorbeeld, maar er zijn ook al tijdbalken gemaakt voor de Joodse en Christelijke geschiedenis, en één van het totale reisschema van de middeleeuwse Engelse Koning John.
Niet twee, maar vier keer beet!
Eén van de weinige ontdekkingen van vorige week heb ik vandaag onverwacht kunnen uitbreiden: in de vijfde band van De Philanthrope stonden namelijk nog twee vertalingen van essays van Hume vertaald, dat me in eerste instantie niet was opgevallen.
[singlepic id=1173 w=360 h=480 float=left]
Afleveringen 265 en 266, waarin de vertaling van Of National Characters werd gegeven, werden gevolgd door Vertoog 267, over de “buitensporigheid van gierigheid.” Dit vertoog was gebaseerd op Of avarice, dat Hume uit latere edities van de Essays zou schrappen. Daarna kwam vertoog 268, over de AANDOENLYKHEID VAN SMAAK, blijkt een vertaling te zijn van Of the delicacy of taste and passion. Na een korte onderbreking voor een lofrede op de slaap kwam de tweedelige vertaling van Of Superstition and Enthusiasm.
Dat betekent dat de Philanthrope ruim anderhalve maand in het teken heeft gestaan van de essays van David Hume. Dat zou een aantal dingen kunnen betekenen – zo uit de losse pols, erg lang heb ik er nog niet over nagedacht:
- er kwamen positieve reacties op de stukjes, waardoor er werd besloten om nog een aantal andere vertalingen te plaatsen
- er waren misschien weinig andere goede stukjes binnengekomen bij de Philanthrope, terwijl het de vertaler relatief weinig moeite hebben gekost om snel een paar andere essays van Hume te leveren.
- de Philanthrope vond het zelf uiterst noodzakelijk om deze stukjes te plaatsen, omdat hij de boodschap uit Humes essays – waarvan de vertalingen immers nog niet in boekvorm waren verschenen – persé aan zijn publiek kenbaar wilde maken. Het kwam volgens mij niet heel vaak voor dat er zoveel ruimte beschikbaar kwam voor de werken van één auteur in een spectator – iets om te onderzoeken!
Alle vertalingen zijn ondertekend met “A.A.” - geen spoor dus van de naam van Hume. Ondanks een berg ‘gratis’ publiciteit voor zijn ideeën, zullen maar weinig lezers hebben geweten dat de gepubliceerde vertogen afkomstig waren van de tot dan toe weinig bekende Schotse filosoof. En zijn de ideeën van Hume tijdens de vertaling in tact gebleven?
Teleurstellend vervolg
Na de gouden vondsten in De Philanthrope, waren de verwachtingen hoog gespannen voor zijn opvolger, De Denker. Ik had in Week 3 al een verwijzing gevonden naar Hume, maar nu waren de ongedigitaliseerde banden aan de beurt. Zoals ik al hoopte was het twaalfde en laatste deel voorzien van een “Bladwijzer”.