1. De verreezene Hollandsche Socrates (Den Haag 1741), 30nrs.
  2. De Algemeene Spectator (Amsterdam 1742-1743, ipv 1746, wat Buijnsters noemt?)6 delen
  3. De Patriot, of Hollandsche Zedenmeester (Den Haag 1742-43)60nrs [IWO]
  4. De Patriot, of Polititike Bedenkingen, over den staat der Vereenigde Nederlanden in ’t jaar MDCCXLVII (Den Haag 1747-48), 30nrs.
  5. De Algemeene Spectator (Amsterdam 1748), 30nrs.
  6. De Nederlandsche Spectator (Leiden – Buijnsters zegt “Leyden”? 1749-1760), 12dln.
  7. De Nederlandsche Pariot (Leiden, rond 1750 – zonder jaartal, zegt B), 4 stukjes
  8. De Zeedemeester de kerkelyken (Amsterdam 1749-1751), 2dln.
  9. “De Nagtstudie van Justus Bickerstaff” uit Franeker (1747-1748) slaan we even over

    Er staat een lange lijst met vertaalde spectatoren, waarvan de meeste uit het Engels en later uit het Duits – er zijn zelfs twee Deense (via het Duits) – zijn vertaald. Als het goed is moeten in Fieser deze spectatoren wel terug te vinden zijn, wat ervoor zou zorgen dat we op die manier op het spoor kunnen komen van Hume-vermeldingen in de vertalingen.

    Leave a Reply