19 feb, 2009
José de Kruif
Geplaatst door Willem in de categorie: Lezers, LiteratuurReacties (0) Tags: Boekhandel, De Kruif, Den Haag, receptie-onderzoek
1.3
In deze paragraaf gaat De Kruif in op de theorieën van Engelsing, Plumb, Darnton, Spufford, Van Selm, Brouwer.
Resultaten van onderzoek naar de productie in de achttiende eeuw liet een uitbreiding en differentiatie van het aanbod zien. Al snel werd de conclusie getrokken dat de nieuwe genres ook voor secularisatie van het aanbod zorgden. Populair-wetenschappelijke werken, (zedenkundige) romans, en het algemene tijdschrift “zouden traditionele religieuze genres en de Latijnse geleerdencultuur naar de achtergrond hebben verdrongen” [5]
Maar het zou goed kunnen dat méér titels en méér genres niet betekende dat er ook méér boeken werden geproduceerd en gelezen.
Omdat er weinig gegevens beschikbaar waren (en zijn) over de consumptie van het aanbod heeft lange tijd de these van Rolf Engelsing gedomineerd. Engelsing veronderstelde dat er in de tweede helft van de achttiende eeuw een leesrevolutie had plaatsgevonden, waarbij intensief lezen plaats maakte voor extensief lezen. Van weinig boeken herhaaldelijk lezen naar veel boeken eenmalig lezen – of slechts recensies ervan, kan ik me voorstellen. Ook zouden er veel méér mensen zijn gaan lezen, mede doordat nieuwe genres een nieuw publiek aanboorden.
De kritiek van Darnton was dat de ‘extensieve manier van lezen’ “niet de enige richting” was waarin het lezen zich heeft ontwikkeld, en hierbij somt Darnton de vele andere redenen om te lezen op in [noot naar The Great Cat Massacre 103].[6]
De kritiek van Plumb was dat Engelsing niet had gezien dat er een massapubliek was ontstaan voor “vrijetijdsproducten in het algemeen” [7] en dat de “in veel verklaringen weer opduikende middenklasse met een steeds beter gevulde geldbuidel” steeds meer behoefte zou hebben gekregen aan sport- en cultuurdeelname. Plumb, net als Engelsing, gaat uit van het aanbod.