XII

Uit de inhoudsopgave
597: “Een voornaam Fransch Deist komt in ons Land. Gevolgen daarvan. … 177”
615: “Over de Verdraagzaamheid. VOLTAIRE minst verdraagzaam. … 321″
626: “Afscheid van den DENKER van zyne Leezers; met ’t welk hy dit Werk besluit en eindigt. … 409.

Uit de vertogen
…bovenstaande stukjes gefotografeerd, verder niets…

Uit de “bladwijzer”
BAREUTH (Korte aanmerking op het Boek van) genaamd: Wederlegging der hedendaagsche Deisten en Vrygeesten V. 208.

BOEKEN (Over het verbranden van Kettersche) en over de bittere Geestelyken, die dit bewerken III. N 135.

BOEKBINDER (Een) vraagt den Denker raad, of hy een Boekverkoper zal worden, en deszelfs Antwoord daarop. X. N. 508

BRANCOFT’s Natuurlyke Historie van Guiana (Een stuk uit) over de voor- en nadeelen van de beschaafdheid der Natien, vertaald.

Deisten (Bedenkingen over het voorgeeven; dat het getal der) en Vrygeesten zo groot in ons Land is, als men gemeenlyk gelooft. VII. N. 345.
—- (Hoe men zich tegens de) hebbe te gedraagen, om hen te winnen. VIII. N. 385, en 390.
—- (Gedrag der) IX. 21,22.
—- (Satyre op de) onzes Vaderlands. XII. N. 597.

Deistery (dat de verdeeldheden enz. onder de Geestelyken veel aanleiding geeven tot de) VIII. N. 391.

Denken (Over de vryheid van) over godsdienstige onderwerpen. I. N. 20, en 24.
—- (Schaadelykheid van) byzonder van Philosophisch denken, om voort te komen in de waereld, en voornaamelyk om aangenaam te zyn by de Vrouwen. III. N. 156, 157.
Denken (Manier hoe wy) volgens het gevoelen van BONNET. III. 1413, 414.

Driften (Losse gedagten van den Denker over de) I. 315-317.
Droomen (Vertoog, dat wy wakker zynde, egter meestal) wordt, in navolging van sommige Filosoofen door voorbeelden bevestigd. V. N. 249
Drukpers(De vraag of het voor de Samenleeving en den Goddienst voordeelig kan weezen om de Vryheid van de) in het allerminste te bepaalen, beantwoord. I. N. 20, 24 – 30

EMILE van ROUSSEAU (Oordeel over de) III 143.

Engelsch Schryvêr~ (Uittreksel uit een) over de kenmerken der menschelyke Natuur. VII. N. 346, 347.

ben benieuwd!

Geciviliseerde Staat (Onderzoek of de) de menschen gelukkiger maakt, dan de Staat der Natuur, zonder door andere Kunsten en Weetenschappen, dan die de Natuur hun noodzaakelyk opgeeft, gesleepen te zyn. VII. 234.

is het stukje waarin Bancroft wordt genoemd

Geestelyken (Liefdeloosheid van sommige). V. N. 244.

Geld (ontwerp om het) onder den man te brengen, en het algemeen belang der Maatschappy edelmoedig te bevorderen. I. 166-168.

Gebaseerd op Of Money?

Geleerdheid als onnut beschouwd. I. bl. 41 verkeerde geleerdheid van drie Broeders in een welverdiend bespottelyk licht gesteld. bl 41-48.

Gezondheid Aanmerking van TEMPLE over de) III. 356.

Gierigheid

Gebaseerd op Of Avarice?

—- (De) der Geleerden in de Weetnschappen aangetoond. IX. N. 425.

Hekel-Schryvers (De) verdeedigd. VI. N. 308.

Huwelyk (Losse gedagten van den Denker over het) I. 314

Dit kan lijken op Of Love and Marriage?

Jus Naturae (Brief van V. D. M. waarin beweezen wordt, dat het) in de Praktyk der Regten niet te pas komt, VIII. N. 412

Karacters(Men moet de) der menschen beschouwen om ‘er uit te leeren.

(Heeeeel veel stukjes over Kinderen)

(en over Leven)

Leevenswyze (Het invoeren der Fransche) onder de Hollanders, wordt door eenen Franschman in een Brief uit Amsterdam aan zynen Vriend, op eene Buitenplaats logeerende, geschreeven, verdedigd. II. N. 53.

LIBELLIO, een Boekverkoper, kan niet voortkomen by gebrek aan geld, dat men hem op intrest niet wil geeven. V. 374-375.

Maatschappye (Het geluk der Burgerlyke) wordt gestoord door weelde en trotsheid, die eerlyke Huwelyken beletten. IV. 113-115.
—- der Weetenschappen te Haarlem (De nuttigheid der Hollandsche) beweezen, en de Hollandsche Natie tot derzelver ondersteuning aangespoord. IX. N. 438.
—- Aanmerkingen op dezelve en de nuttigheid haarer uitgeschreeven Vraagen. XI. N. 555.
—- Zie ook Geleerden

Machines (Brief, waarin berigt wordt gegeeven van he[t] drollig Leerstellig van een Filosoof, die beweert, dat wy bloote) o Marionetten zyn, met eenige aanmerkingen daar tegen. V. N. 227, 243.
Marionetten (De Filosoof erkent zyne voorige dwaasheid van geloofd te hebben, dat wy) zyn, VI. N. 266.
Wordt overtuigd, dat Reden en openbaring, zal ze van God zyn, niet met elkanderen stryden. VI. N. 290 Hoe hy in dat gevoelen is gebragt, dat de Openbaring geen geloof verdient. N. 291. Hy beklaagt zich dezelve tot nog toe verworpen te hebben, en verfoeit dzyn gedrag, dat hy egter belydenis heeft geedaan, van haar te geloven. N. 292.

METTRIE (Hoe de la) op eene wyze, strydig met zyne Deistische gevoelens, gestorven is. III. 314,315.

Mildaadigheid (Brieven van Philodoxus, Sincerus, Deun, en Jan Geldzak over de) VI. N. 265.

MOLIERE (Over de wyze van schryven van) IV. 29.

Naam
—-(Over de begeerte om zich eenen onsterlyken) te maaken. II. 312-323. Samenspraak over deeze Stof tuschen PERICLES, eenen hedendaagschen Griek, en eenen Rus. 324-328.

Natuurstaat (Verhandeling over den zogenoemden) of algemeene Kenmerken der menschelyke Natuur. VII. N. 346, 347.

is het stuk van Ferguson

Nederlands Vryheid (De eerste grondslag voor) is op den 1 April 1572 gelegd, een andere in ’t jaar 1672. Godvrugtige overdenkingen over beiden. X. N. 484.
Nederlandsche Zeden (Fraaie beschryving van de ) onder de versiering van die eener vreemde Natie. III. N. 144.

Ongeloof V. N. 235 en VII. N. 364

Roem (Waarin de waare) moet gezogt, en waar door dezelfde kan verkreegen worden. V. N. 253.

ROUSTAN (Het Boek de Brieven van) geheeten, gepreezen. XII. 307. (niets bijzonders)

SCHOTLAND (De Geestelykheid van) met diee van Nederland vergeleeken V. 58, 59.

Schryvers
—- )Bedenkingen over de vryheid der) om elkanderen te hekelen. II. 59. 60.

Staatsman (Karacter van een) IV. 214

Tolerantie (Brief over de) IV. N. 204.

TYDEMAN (Redevoering van den Hoogl.) over de schaadelykheid der Weelde voor Burgeren en Staatendommen. X. N. 479-489).

spannend

Uittreksels van Boeken door de schyvers zelven veeltyds gemaakt. XI. 65-76.

Veelwyvery (De) Strydt tegen de Wetten der Natuur, ’t geen uit verscheide proeven beweezen wordt. I. 35.
—- (De) tegengegaan door nieuwe bewysredenen II. 25-29.

Of Polygamy?

Vernuft (Redevoering over de schadelykheid van ’t ) III. N. 120-126. gevolgen daaruit getrokken. 168.

Verstand (Het onderscheid tusschen) wysheid en wetenschap. VII. N. 329.

Vertaalingen (Waarom de) in ons Land zo sterk vermenigvuldigen, en zo weinig eigen Werken in ’t licht komen X. N. 509.

VOLTAIRE (Aanmerkingen over de Nederduitsche uitgave der Olympia van) II. N. 63.
—- (Geloofs belydenis van) geplaatst in de Gazette Litteraire. VII 377-378.

Vooroordeelen De onbillyke) welke yder Landaart voor zyne Natie koestert, aangentoond. III 201-204.

ONC?

Vryheid (’s Menschen) hoedanig is. VIII. N. 403.

WHITERSPOON (Een vertaald Nederduitsch schrift van John) behlzende eene levendige aftekening van het bestaan en gedrag der Kerkelyken, gegispt. V. 58-61.

WOLF (oordeel over de Wysgerige Boeken van) III. 218.

Wysbegeerte (Veranderingen die in de) zyn voorgevallen. III 217 – 219.

Zelfmoord een uitwerkzel van krankzinnigheid vertoond in de Historie van Camillus, in het Jaar 1648. X. N. 494 (niet van Hume’s Of Suicide, daar komt C. niet in voor)

Ziel
Onderzoek of de) altoos denkt, en haar weezen in denken bestaat. I. N. 41. Wat Locke en Cartesius daarvan gedagt hebben 327 met Clarke en ’s Gravesande. 328. Aanmerkingen van den Denker over deeze stof, die meent het waarschynlykste te zyn, dat de Ziel altoos denkt. N. 42.

Pagina's: 1 2 3 4 5 6

Leave a Reply