{"id":577,"date":"2009-03-27T12:25:51","date_gmt":"2009-03-27T10:25:51","guid":{"rendered":"http:\/\/hume.doesntexist.org\/\/?p=577"},"modified":"2009-07-09T00:34:11","modified_gmt":"2009-07-08T22:34:11","slug":"de-denker","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/archief.somtijds.nl\/hume-blog\/?p=577","title":{"rendered":"De Denker"},"content":{"rendered":"<h3>VII<\/h3>\n<p>325: Marmontel<\/p>\n<p>329 verschil verstand wijsheid wetenschap<\/p>\n<p>337: menselijkheid en mensheid<\/p>\n<p>343 Stuk uit Bancoft&#8217;s Natuurlijke Historie van Guiana, te vinden op google:<br \/>\n<a href=\"http:\/\/books.google.nl\/books?id=-8gaAAAAYAAJ\">http:\/\/books.google.nl\/books?id=-8gaAAAAYAAJ<\/a><br \/>\nen aan het eind wordt gezegd:<br \/>\n&#8220;Hier in [in het claimen dat het geluk <em>zonder<\/em> vrije kunsten van de Volkeren buiten Europa moest betekenen dat het voor de beschaafde wereld ook beter zou zijn om zonder k&amp;w verder te gaan] hebben zy echter grof gedwaald; naardien deeze dingen, welken in den staat der Natuur nutteloos zyn, zeer heilzaam kunnen zyn, in eene beschaafde Samenleving; om dat Kunsten en Wetenschappen het zekerste tegengif zyn, tegen de kwalijke uitwerksels der Weelde en de zogenaamde Politesse&#8221; [240]<\/p>\n<p>Stukje 346 en 347 is een vertaling van een verhandeling van Adam Ferguson:<br \/>\n<strong>Adam Ferguson, An Essay on the History of Civil Society, 5th ed. (London: T. Cadell, 1782). Chapter: SECTION I.: Of the question relating to the State of Nature.<\/strong><\/p>\n<p>Accessed from <a href=\"http:\/\/oll.libertyfund.org\/title\/1428\/19704\">http:\/\/oll.libertyfund.org\/title\/1428\/19704<\/a> on 2009-03-11<\/p>\n<p>352: nog een stukje van Bancoft over de huiselijke vrede<\/p>\n<p>354: ene Paoli die in de Republiek de vrijheid heeft gezocht?<\/p>\n<p>364 en 365 over de vrijheid van de drukpers en de beste manier het ongeloof uit te rooien<\/p>\n<p><!--nextpage--><\/p>\n<h3>VIII<\/h3>\n<p>379f &#8211; &#8220;Aardrykskunde, Natuurlyke Historie, Zedelyke Wysbegeerte, alles draagt &#8216;er den stempel van eene ervarenheid, die de grootste Wetgeevers onsterflyk zou maaken. &#8217;t Kan niemand verwonderen dat ik deeze <em>Berichten<\/em> [<em>over Azie, Afrika en Amerika<\/em>]zo hoog verheffe, wanneer hy weet dat e met veel zorgvuldigheid en smaak getrokken zyn uit een wydloopiger Werk, waarmede de groote Montesquieu, in zyn nooitvolprezen Boek <em>over de Wetten, (<em>l&#8217;Esprit des Loix,<\/em>) bykans op alle bladzyden raadpleegt. Geesten van zulk eenen rang toonen zich doorgaans vervreemd van alle geweld.<\/em><\/p>\n<p>384 begint met een citaat van Formey (1f)<\/p>\n<p>388f begint met het noemen van een boek van &#8216;Engelsche Historieschrijvers&#8217; die over het Nederlandse volk zouden hebben gezegd dat ze geen liefde kennen.<\/p>\n<p>398 lijstje auteurs &#8211; Dodridge, Young Hervey, Bennet. (1f)<\/p>\n<p>407 over een veroordeling ind e Engelsche geschiedenis. Bron?<\/p>\n<p>418f brief van de Denker aan zijn lezers<br \/>\n<!--nextpage--><\/p>\n<h3>IX<\/h3>\n<p>421f\u00c2\u00a0&#8211; heeft een stukje over het werkje van een VRYGEEST. &#8220;Hoe verheugd, ondertusschen is een Christen, die niet door allerlei wind van leeringen wordt omgevoerd, wanneer hy de poogingen beschouwt van wakkere Letterhelden, om het rampzalig Ongeloove te bestryden, en in alle deszelfs schuilhoeken, hoe duister en verborgen ze ook zyn, aantetasten! Met hoe veel vermaakt leest hy de schriften van GROTIUS, ADDISON, WOLSELEY, LARDNER en anderen, teu\u00c2\u00a0voordeele van zynen Godsdienst geschreven! Inderdaad het schynt my toe onmogelyk te zyn, dat iemand, die men tot hier toe als een twyffelaar met opzicht tot de zaak, die ik thans bedoele, beschouwen moet, langer zodanig zoude blyven konnen, by aldien hy met eene de opmerkendste aandacht, die in eene zaak van zo veel gewicht, verischt word, de kenmerken die de Bybelboeken van hunnen Goddelykheid opgeeven, gadesloeg, en dezelve oordeelkundig wikte en weegde&#8221;\u00c2\u00a0 en &#8220;Indien wy by het gedrag der De\u00efsten stil staan, moet men het voor zeer redeloos houden&#8221;<\/p>\n<p>439f &#8211; stukje van de Engelsche Spectator becommentarieerd<\/p>\n<p>445f VOLTAIRE wordt genoemd omdat er een stukje zou zijn uitgekomen: &#8220;Missive aan de Heeren Schryveren van de Brieven der Jooden aan den Heere DE VOLTAIRE&#8221;- waarop weer een vergelijkbaar verdedigen van de Heilige Schrift wordt gepresenteerd (maar of het nu van Voltaire afkomstig is?)<\/p>\n<p>\u00c2\u00a0<!--nextpage--><\/p>\n<h3>X<\/h3>\n<p>474 gaat slechts over het karakter van een juffrouw<\/p>\n<p>477 over bededagen en godsdienstige Vryheden<\/p>\n<p>479-481 stuk van Tydeman (gefotografeerd) over de Weelde, noemt geen andere auteurs\/denkers. slechts iets over de Fransen waar een prijs was uitgeloofd voor een goede verdediging van de weelde?<\/p>\n<p>493 noemt ene Placette, en Saurin<\/p>\n<p>509 is dat stuk over de vertaalingen, geen filosofen gezien, wel predikanten.<\/p>\n<p><!--nextpage--><\/p>\n<h3>XI<\/h3>\n<p>523f stukje over het 72ste jaar van de eeuw, altijd al een moeilijk jaar (1672 rampjaar, 1572 Bartholomeusnacht, belegering Haarlem etc)<\/p>\n<p>526f stukje over Romeins recht, vaderlands recht, in het antwoord wordt ook over het natuurrecht gesproken<\/p>\n<p>530f overpeinzing over de mate van beschaafdheid in Europa en of we ons wel daar naar gedragen<\/p>\n<p>531f over een paar nieuwe publicaties<\/p>\n<p>533f over de neutraliteit waarin wordt verwezen naar tydeman<\/p>\n<p>534f over een boek getiteld <em>Beschouwingen van den Aart en Inborst der beroemdste Volkeren in Europa<\/em>, gedrukt door de Erven van F. Houttuyn (dat zijn ze zelf!) in 1773 &#8211; mogelijk een vertaling van <em>A review of the characters of the principal nations in Europe. In two volumes.<\/em> van John Andrews, uit 1770 &#8211; hierin staat in elk geval niets over Hume, aldus ECCO.<\/p>\n<p>539f in de reactie op een brief suggereert de Denker dat het voordelig zou zijn wanneer de verschillende Maatschappyen der Weetenschappen samengevoegd zouden worden<\/p>\n<p>eindigt met een hele serie stukjes over &#8216;onze dochters&#8217; en hun opvoeding, hun toekomst etc.<\/p>\n<p><!--nextpage--><\/p>\n<h3>XII<\/h3>\n<p><strong>Uit de inhoudsopgave<\/strong><br \/>\n597: &#8220;Een voornaam Fransch Deist komt in ons Land. Gevolgen daarvan. &#8230; 177&#8221;<br \/>\n615: &#8220;Over de <em>Verdraagzaamheid<\/em>. VOLTAIRE minst verdraagzaam. &#8230; 321&#8243;<br \/>\n626: &#8220;<em>Afscheid<\/em> van den DENKER van zyne Leezers; met &#8217;t welk hy dit Werk besluit en eindigt. &#8230; 409.<\/p>\n<p><strong>Uit de vertogen<\/strong><br \/>\n&#8230;bovenstaande stukjes gefotografeerd, verder niets&#8230;<\/p>\n<p><strong>Uit de &#8220;bladwijzer&#8221;<\/strong><br \/>\nBAREUTH (Korte aanmerking op het Boek van) genaamd: Wederlegging der hedendaagsche Deisten en Vrygeesten V. 208.<\/p>\n<p>BOEKEN (Over het verbranden van Kettersche) en over de bittere Geestelyken, die dit bewerken III. N 135.<\/p>\n<p>BOEKBINDER (Een) vraagt den Denker raad, of hy een Boekverkoper zal worden, en deszelfs Antwoord daarop. X. N. 508<\/p>\n<p>BRANCOFT&#8217;s Natuurlyke Historie van Guiana (Een stuk uit) over de voor- en nadeelen van de beschaafdheid der Natien, vertaald.<\/p>\n<p><em>Deisten<\/em> (Bedenkingen over het voorgeeven; dat het getal der) en Vrygeesten zo groot in ons Land is, als men gemeenlyk gelooft. VII. N. 345.<br \/>\n&#8212;- (Hoe men zich tegens de) hebbe te gedraagen, om hen te winnen. VIII. N. 385, en 390.<br \/>\n&#8212;- (Gedrag der) IX. 21,22.<br \/>\n&#8212;- (Satyre op de) onzes Vaderlands. XII. N. 597.<\/p>\n<p>Deistery (dat de verdeeldheden enz. onder de Geestelyken veel aanleiding geeven tot de) VIII. N. 391.<\/p>\n<p><em>Denken<\/em> (Over de vryheid van) over godsdienstige onderwerpen. I. N. 20, en 24.<br \/>\n&#8212;- (Schaadelykheid van) byzonder van Philosophisch denken, om voort te komen in de waereld, en voornaamelyk om aangenaam te zyn by de Vrouwen. III. N. 156, 157.<br \/>\n<em>Denken<\/em> (Manier hoe wy) volgens het gevoelen van BONNET. III. 1413, 414.<\/p>\n<p><em>Driften<\/em> (Losse gedagten van den Denker over de) I. 315-317.<br \/>\n<em>Droomen<\/em> (Vertoog, dat wy wakker zynde, egter meestal) wordt, in navolging van sommige Filosoofen door voorbeelden bevestigd. V. N. 249<br \/>\n<em>Drukpers<\/em>(De vraag of het voor de Samenleeving en den Goddienst voordeelig kan weezen om de Vryheid van de) in het allerminste te bepaalen, beantwoord. I. N. 20, 24 &#8211; 30<\/p>\n<p>EMILE van ROUSSEAU (Oordeel over de) III 143.<\/p>\n<p><em>Engelsch Schryv\u00ear~<\/em> (Uittreksel uit een) over de kenmerken der menschelyke Natuur. VII. N. 346, 347.<\/p>\n<blockquote><p>ben benieuwd!<\/p><\/blockquote>\n<p><em>Geciviliseerde Staat<\/em> (Onderzoek of de) de menschen gelukkiger maakt, dan de Staat der Natuur, zonder door andere Kunsten en Weetenschappen, dan die de Natuur hun noodzaakelyk opgeeft, gesleepen te zyn. VII. 234.<\/p>\n<blockquote><p>is het stukje waarin Bancroft wordt genoemd<\/p><\/blockquote>\n<p><em>Geestelyken<\/em> (Liefdeloosheid van sommige). V. N. 244.<\/p>\n<p><em>Geld<\/em> (ontwerp om het) onder den man te brengen, en het algemeen belang der Maatschappy edelmoedig te bevorderen. I. 166-168.<\/p>\n<blockquote><p>Gebaseerd op <em>Of Money<\/em>?<\/p><\/blockquote>\n<p><em>Geleerdheid<\/em> als onnut beschouwd. I. bl. 41 verkeerde geleerdheid van drie Broeders in een welverdiend bespottelyk licht gesteld. bl 41-48.<\/p>\n<p><em>Gezondheid<\/em> Aanmerking van TEMPLE over de) III. 356.<\/p>\n<p><em>Gierigheid<\/em><\/p>\n<blockquote><p>Gebaseerd op <em>Of Avarice<\/em>?<\/p><\/blockquote>\n<p>&#8212;- (De) der Geleerden in de Weetnschappen aangetoond. IX. N. 425.<\/p>\n<p><em>Hekel-Schryvers<\/em> (De) verdeedigd. VI. N. 308.<\/p>\n<p><em>Huwelyk<\/em> (Losse gedagten van den Denker over het) I. 314<\/p>\n<blockquote><p>Dit kan lijken op <em>Of Love and Marriage<\/em>?<\/p><\/blockquote>\n<p><em>Jus Naturae<\/em> (Brief van V. D. M. waarin beweezen wordt, dat het) in de Praktyk der Regten niet te pas komt, VIII. N. 412<\/p>\n<p><em>Karacters<\/em>(Men moet de) der menschen beschouwen om &#8216;er uit te leeren.<\/p>\n<p>(Heeeeel veel stukjes over Kinderen)<\/p>\n<p>(en over Leven)<\/p>\n<p><em>Leevenswyze<\/em> (Het invoeren der Fransche) onder de Hollanders, wordt door eenen Franschman in een Brief uit Amsterdam aan zynen Vriend, op eene Buitenplaats logeerende, geschreeven, verdedigd. II. N. 53.<\/p>\n<p>LIBELLIO, een Boekverkoper, kan niet voortkomen by gebrek aan geld, dat men hem op intrest niet wil geeven. V. 374-375.<\/p>\n<p><em>Maatschappye<\/em> (Het geluk der Burgerlyke) wordt gestoord door weelde en trotsheid, die eerlyke Huwelyken beletten. IV. 113-115.<br \/>\n&#8212;- der Weetenschappen te Haarlem (De nuttigheid der Hollandsche) beweezen, en de Hollandsche Natie tot derzelver ondersteuning aangespoord. IX. N. 438.<br \/>\n&#8212;- Aanmerkingen op dezelve en de nuttigheid haarer uitgeschreeven Vraagen. XI. N. 555.<br \/>\n&#8212;- Zie ook <em>Geleerden<\/em><\/p>\n<p><em>Machines<\/em> (Brief, waarin berigt wordt gegeeven van he[t] drollig Leerstellig van een Filosoof, die beweert, dat wy bloote) o Marionetten zyn, met eenige aanmerkingen daar tegen. V. N. 227, 243.<br \/>\n<em>Marionetten<\/em> (De Filosoof erkent zyne voorige dwaasheid van geloofd te hebben, dat wy) zyn, VI. N. 266.<br \/>\nWordt overtuigd, dat Reden en openbaring, zal ze van God zyn, niet met elkanderen stryden. VI. N. 290 Hoe hy in dat gevoelen is gebragt, dat de Openbaring geen geloof verdient. N. 291. Hy beklaagt zich dezelve tot nog toe verworpen te hebben, en verfoeit dzyn gedrag, dat hy egter belydenis heeft geedaan, van haar te geloven. N. 292.<\/p>\n<p>METTRIE (Hoe de la) op eene wyze, strydig met zyne Deistische gevoelens, gestorven is. III. 314,315.<\/p>\n<p>Mildaadigheid (Brieven van Philodoxus, Sincerus, Deun, en Jan Geldzak over de) VI. N. 265.<\/p>\n<p>MOLIERE (Over de wyze van schryven van) IV. 29.<\/p>\n<p><em>Naam<\/em><br \/>\n&#8212;-(Over de begeerte om zich eenen onsterlyken) te maaken. II. 312-323. Samenspraak over deeze Stof tuschen PERICLES, eenen hedendaagschen Griek, en eenen Rus. 324-328.<\/p>\n<p><em>Natuurstaat<\/em> (Verhandeling over den zogenoemden) of algemeene Kenmerken der menschelyke Natuur. VII. N. 346, 347.<\/p>\n<blockquote><p>is het stuk van Ferguson<\/p><\/blockquote>\n<p><em>Nederlands Vryheid<\/em> (De eerste grondslag voor) is op den 1 April 1572 gelegd, een andere in &#8217;t jaar 1672. Godvrugtige overdenkingen over beiden. X. N. 484.<br \/>\n<em>Nederlandsche Zeden<\/em> (Fraaie beschryving van de ) onder de versiering van die eener vreemde Natie. III. N. 144.<\/p>\n<p><em>Ongeloof<\/em> V. N. 235 en VII. N. 364<\/p>\n<p><em>Roem<\/em> (Waarin de waare) moet gezogt, en waar door dezelfde kan verkreegen worden. V. N. 253.<\/p>\n<p>ROUSTAN (Het Boek <em>de Brieven van) geheeten, gepreezen. XII. 307. (niets bijzonders)<\/em><\/p>\n<p>SCHOTLAND (De Geestelykheid van) met diee van Nederland vergeleeken V. 58, 59.<\/p>\n<p><em>Schryvers<\/em><br \/>\n&#8212;- )Bedenkingen over de vryheid der) om elkanderen te hekelen. II. 59. 60.<\/p>\n<p><em>Staatsman<\/em> (Karacter van een) IV. 214<\/p>\n<p><em>Tolerantie<\/em> (Brief over de) IV. N. 204.<\/p>\n<p>TYDEMAN (Redevoering van den Hoogl.) over de schaadelykheid der Weelde voor Burgeren en Staatendommen. X. N. 479-489).<\/p>\n<blockquote><p>spannend<\/p><\/blockquote>\n<p><em>Uittreksels van Boeken<\/em> door de schyvers zelven veeltyds gemaakt. XI. 65-76.<\/p>\n<p><em>Veelwyvery <\/em>(De) Strydt tegen de Wetten der Natuur, &#8217;t geen uit verscheide proeven beweezen wordt. I. 35.<br \/>\n&#8212;- (De) tegengegaan door nieuwe bewysredenen II. 25-29.<\/p>\n<blockquote><p><em>Of Polygamy<\/em>?<\/p><\/blockquote>\n<p><em>Vernuft<\/em> (Redevoering over de schadelykheid van &#8217;t ) III. N. 120-126. gevolgen daaruit getrokken. 168.<\/p>\n<p><em>Verstand<\/em> (Het onderscheid tusschen) wysheid en wetenschap. VII. N. 329.<\/p>\n<p><em>Vertaalingen<\/em> (Waarom de) in ons Land zo sterk vermenigvuldigen, en zo weinig eigen Werken in &#8217;t licht komen X. N. 509.<\/p>\n<p>VOLTAIRE (Aanmerkingen over de Nederduitsche uitgave der Olympia van) II. N. 63.<br \/>\n&#8212;- (Geloofs belydenis van) geplaatst in de Gazette Litteraire. VII 377-378.<\/p>\n<p><em>Vooroordeelen<\/em> De onbillyke) welke yder Landaart voor zyne Natie koestert, aangentoond. III 201-204.<\/p>\n<blockquote><p>ONC?<\/p><\/blockquote>\n<p><em>Vryheid<\/em> (&#8217;s Menschen) hoedanig is. VIII. N. 403.<\/p>\n<p>WHITERSPOON (Een vertaald Nederduitsch schrift van John) behlzende eene levendige aftekening van het bestaan en gedrag der Kerkelyken, gegispt. V. 58-61.<\/p>\n<p>WOLF (oordeel over de Wysgerige Boeken van) III. 218.<\/p>\n<p><em>Wysbegeerte<\/em> (Veranderingen die in de) zyn voorgevallen. III 217 &#8211; 219.<\/p>\n<p><em>Zelfmoord<\/em> een uitwerkzel van krankzinnigheid vertoond in de Historie van Camillus, in het Jaar 1648. X. N. 494 (niet van Hume&#8217;s Of Suicide, daar komt C. niet in voor)<\/p>\n<p><em>Ziel<\/em><br \/>\nOnderzoek of de) altoos denkt, en haar weezen in denken bestaat. I. N. 41. Wat Locke en Cartesius daarvan gedagt hebben 327 met Clarke en &#8217;s Gravesande. 328. Aanmerkingen van den Denker over deeze stof, die meent het waarschynlykste te zyn, dat de Ziel altoos denkt. N. 42.<\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>VII 325: Marmontel 329 verschil verstand wijsheid wetenschap 337: menselijkheid en mensheid 343 Stuk uit Bancoft&#8217;s Natuurlijke Historie van Guiana, te vinden op google: http:\/\/books.google.nl\/books?id=-8gaAAAAYAAJ en aan het eind wordt gezegd: &#8220;Hier in [in het claimen dat het geluk zonder vrije kunsten van de Volkeren buiten Europa moest betekenen dat het voor de beschaafde wereld [&hellip;]<\/p>\n","protected":false},"author":2,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":[],"categories":[236],"tags":[164,72,194,183,131,110,193,77],"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/archief.somtijds.nl\/hume-blog\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts\/577"}],"collection":[{"href":"https:\/\/archief.somtijds.nl\/hume-blog\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/archief.somtijds.nl\/hume-blog\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/types\/post"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/archief.somtijds.nl\/hume-blog\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/users\/2"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/archief.somtijds.nl\/hume-blog\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Fcomments&post=577"}],"version-history":[{"count":24,"href":"https:\/\/archief.somtijds.nl\/hume-blog\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts\/577\/revisions"}],"predecessor-version":[{"id":960,"href":"https:\/\/archief.somtijds.nl\/hume-blog\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts\/577\/revisions\/960"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/archief.somtijds.nl\/hume-blog\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Fmedia&parent=577"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/archief.somtijds.nl\/hume-blog\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Fcategories&post=577"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/archief.somtijds.nl\/hume-blog\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Ftags&post=577"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}